Eén talent van Bernhard Harfsterkamp 👉, dat slechts weinigen kennen, vormt de aanzet tot het ontstaan van zijn bankjescolumns. In dezelfde tijd als toen Louis Radstaak 👉 op 'nDrom de term Dichtersbankje introduceerde, enig moment in het jaar 2008.
Bernhard was een meester in het bedenken van tochtjes! In de directe omgeving, maar ook wat verder weg. Mede onder invloed van de beperkingen die de ziekte hem de laatste jaren oplegde, waren de tochtjes verder weg steeds moeilijker te volbrengen en werden het tochtjes in de 'achterste Achterhoek’. Hij schreef daarover ‘stukjes’, in de krant of in zijn dagboek. Even eruit, even het buitengebied opsnuiven… en wat bespiegelen. Zo ontstonden debankjescolumnsinAchterhoek Nieuwsover het wel en wee van het Winterswijkse en Aaltense landschap, de mensen die er wonen en leven en de cultuurhistorie van dit gebied dat hem zozeer aan het hart lag. Bernhard hoopte, dat deze teksten nog eens in boekvorm zouden verschijnen. ‘Misschien ben ik wel meer een stukjesschrijver dan een literaire schrijver.’ Die wens is vorige week met bovenstaande uitgave vervuld. En dat is mooi! Niet alleen voor Bernhard, maar ook voor alle vaste lezers van zijn columns. Al was het maar om deze markante Winterswijker, met zijn gezette postuur, zijn krullen, sandalen en geitenwollen sokken te blijven herinneren. Vandaag is het een jaar geleden dat Bernhard uit de tijd gleed. Daarom een reprise van een bankje dat aan hem werd toegedicht d.d. 02-05-2012.
Foto: Bert Bevers | Holthuisweg | Woold
Uit de collectie Mellendijk (keuze scribent, natuurvorser) voorraad Bevers:Bernhard Harfsterkamp 👉
De boer ...
Bouwland is kostbaar. Daarom maak ik mijn akker zo groot mogelijk. Steeds dichter tegen de perceelrand aan ploegen. Dat pad tussen twee akkers? Daar hoeft toch geen mens meer over? Ik ploeg er een meter af.
Als ondernemer zoek ik altijd grenzen op. Ligt daar een sloot? Och, daar kan best nog een half metertje af. Maar wat gebeurt er nu? Mijn prachtige trekker zakt weg. Mijn mooiste werktuig zit vast.
Wat nu? Ik geef gas, veel gas. Het zand spat me om de oren. Maar vooruit kom ik niet meer. Ben ik dan toch te gulzig geweest? Heb ik die slootkant met pinksterbloemen onderschat? Natuurlijk niet.
Een boer mag dan eenzaam zijn, maar verlossing hoeft niet lang op zich te laten wachten. Er zijn meer mooie trekkers in het Wooldse boerenland. De ene trekker trekt de andere trekker los. En ik kan weer verder. Moet vandaag nog heel wat hectares ploegen. Ook de randen.
Bernhard Harfsterkamp | 2012
Nota Bene: Is het een gedicht? In ieder geval een anekdote, dat met behulp van de Günter Grass-methode op een gedicht lijkt.
In Achterhoeks Nieuws editie Aalten Vooruit stond in week 44 een weloverwogen commentaar in Randbericht van Bernhard Harfsterkamp betreffende Silo-Art.
Vanuit mijn ophokplichtig berghutje met uitzicht op het spookachtige Corona hoor ik in de verte vanuit de dorpskerk muziek. Troostrijk voor deze bijzondere Paaszondag.
Alan Lomax: over de muziek die ik hoorde: "Ik maakte deze plaat in een kleine Doopsgezinde kerk in de sloppenwijken van Norfolk, waarbij ik een groep buurtmeisjes uitnodigde om te luisteren. Toen ze begonnen te klappen en een begeleidend ritme eruit te stampen, gingen de Peerless Four er vandoor en vlogen. Ergens in het midden hoor je de twee leiders hun ritmische delen ruilen met elke zin, een prestatie die ik [sic] nog nooit eerder heb gehoord in dit tempo."
Peerless Four: Trouble In My Way (1960)
Paul van Druten heeft Alan Lomax als zijn grote voorbeeld en plaats 'Playlist van het contactloze 🖐 poppodium! 🎥De Ruïne Sessies...
nota bene; in het laatste artikel figureert ene Mellenkamp, dat dient gelezen te worden als Mellendijk ; - ). Zijn tekstverwerkende robot vergiste zich; was in de war, dacht even met John Mellencamp⇲van doen te hebben.
John Mellencamp: Our Country
N.a.v. het artikel dichtte ik Sebastiaan Roes een Dichtersbankje⇲ toe, met gebruikmaking van de foto die Bernhard Harfsterkamp bij de picknick plek van Hemmink maakte.
Hi hi prachtige intro en aankondigingen in diverse media, 'n hype om van te smullen. En het leverde 'n fraai onderzoek op naar de bron. De betreurde Winterswijkse schrijver Gerrit Komrij beweerde het al, ooit (in de Tubantia van 27-02-1982, om precies te zijn). Hij opperde in een interview met Bill Bilderbeek: "Bij Muiden begint Beieren en in de Achterhoek zit je allang in Oostenrijk." De Wenterse Afsnietsel, ik verheugde me eind vorige eeuw in Varsseveld met de Volksfeesten op de Heuga(-felt) schnitzels van Wim Sloots. Aber da's vorbei, Auf Wiener Schnitzel maar weer! Wenters is the place to be! In Dörkum legt ze alleen moor eier! Misschien heeft Bernhard Harfsterkamp nog wel 'n mooi recept in de aanbieding.
Bernhard Harfsterkamp was aanwezig bij het aanbieden van het eerste exemplaar van de Achterhoekse verzen aan de ouders van Pim te Bokkel 👉en bij het verstoppen van de tijdcapsule ergens in de restanten van de geheime gang die van havezate Walfort 👉 naar Bredevoort zou hebben gelopen. Na het afstoffen van de colberts ging het gezelschap naar de officiële presentatie in het boekencafé van de Koppelkerk.
In Aalten Vooruit doet Bernhard verslag: Lees 👉 meer
En 👉 nog meer aaifoto's van het ceremonieel en presentatie 👉
Eind vorig jaar schreef Bernhard Harfsterkamp in zijn 'Vanaf een bankje-serie' rondom Winterswijk in Aaltens Nieuws het volgende artikel. In deze versie is mijn naam goed gespeld, in de papieren versie zag ik Mellenkamp voorbij komen.
Vanaf een bankje 30 | Bij een vervallen
boerderij
Bernhard
Harfsterkamp
WINTERSWIJK –
Op de ene plek die ik in gedachten had voor deze rubriek kon ik geen enkel
bankje vinden. Op de andere plek waar ik al een tijdje over wilde schrijven
stonden zelfs drie verschillende bankjes. Ik heb er al eens eerder gezeten en
foto’s gemaakt, maar aangezien ik niet altijd alles snel op mijn computer kan
terugvinden, ben ik nog maar eens naar Miste gefietst waar de bankjes staan.
Vele mensen zullen de plek kennen, want die ligt langs de Misterweg. Het is een
opvallend rustpunt, omdat die bij een vervallen boerderij staat. Of moet ik zeggen
half afgebroken boerderij?
Deze
picknickplaats is ontstaan in de laatste fase van de ruilverkaveling
Winterswijk-west. Het perceel waarop de al vele jaren leegstaande boerderij
Hemmink stond kwam in bezit van de Dienst Landinrichtingen en Beheer Landbouwgronden.
Voor de hand had gelegen om het af te breken en de grond bij een weiland aan te
trekken of er een bosje op te planten. Maar blijkbaar was er bij de dienst een
creatieve geest die aan een andere bestemming dacht. Van de boerderij bleef een
deel staan zonder dat dit nog gevaren kon opleveren voor mensen die even naar
binnen liepen om daarna in een van de twee oudere picknickhoekjes te gaan
zitten . Door sommige mensen werd deze plek sindsdien ook wel aangeduid als
“het monument van de laatste boer”.De
houten picknicktafel onder de schuilhut is er meen ik een jaar of tien geleden
gekomen op initiatief van Misters Belang.
De leegstaande
en vervallen boerderij is ook vele fietsers opgevallen. Dagelijks gingen en
gaan er scholieren van Aalten naar Winterswijk en andersom. Sommige van hen
herinneren zich een vervelende, meerennende blaffende en bijtende hond die bij
Hemmink hoorde. Hans Mellendijk, een Achterhoekse dialectschrijver, wees me op
een gedicht van Sebastiaan Roes, een andere dialectschrijver, over de
boerderij:
“'t Geet met
Hemmink,
Esselink en Hesselink
as met de olde spraoke:
't gebont dat kraakt,
't dak dat lekt,
de pöste bunt varveloos...
En de roetn knapt kapot.”
Esselink in
’t Woold dat ook lang leeg heeft gestaan is inmiddels weer bewoond. Het in
verval geraakte Hesselink in Ratum werd opgeknapt en werd een zorgboerderij.
Enkele van de bewoners van Hemmink heetten overigens ook Esselink en Hesselink.
Toeval? Hemmink wordt al genoemd in de 14de eeuw. Het was toen een
hofgoed van het klooster in Vreden. Die hofgoederen werden later vaak voor het
gemak aangeduid als scholtengoederen, maar dat is niet correct. Tegenwoordig
lijken er heel veel scholtengoederen in Winterswijk te zijn, maar slechts
enkele zijn er als je de geschiedenis bestudeert werkelijk scholte geweest.
Momenteel wordt elk landgoed dat onder de Natuurschoonwet valt scholtengoed
genoemd en elke grotere boerderij scholtenboerderij. De werkelijkheid is
gecompliceerder.
Hemmink
kreeg in 1903 wel de uitstraling van zo’n grote boerderij, toen er een voorhuis
dwars voor werd gebouwd. Dat type is voor de meeste Winterswijkers van nu het
voorbeeld van een scholtenboerderij. Zo’n voorhuis moest welstand aanduiden. Of
die er werkelijk is geweest? Waarschijnlijk niet, want de bovenverdieping werd
alleen als opslagruimte gebruikt. Dat voorhuis was er ook nog toen de boerderij
in verval raakte. Bij de ombouw tot picknickplaats is het echter verdwenen. Wie
nou het restant in loopt ziet alleen de verschillende ruimten van het oude
boerderijgedeelte. Na de nendeur kom je op de deel met stallen aan de zijkant
en daarna in het woonhuis. Er is ook een ruimte met mooie tegeltjes. Dat zal
wel de keuken of de bijkeuken zijn geweest.
De boerderij
raakte in 1963 onbewoond toen A.J. Esselink, de laatste boer op Hemmink, met
zijn vrouw verongelukte. De erfgenamen verkochten de landbouwgrond, maar over
de verkoop van de boerderij konden ze het niet eens worden. Een van de
erfgenamen gebruikte het als zomerverblijf, maar bekommerde zich niet om het
onderhoud. Ook werden lood, koper, gebintwerk en tegels uit de boerderij
gehaald. Daardoor werd het langzamerhand een bouwval. Die was in september 1988
echter nog goed genoeg voor het verblijf van enkele krakers. Arjan Ligtenbarg
noemde ze drugsverslaafden, Willem Peletier punkers. Wie het ook waren, ze
hebben het niet lang volgehouden in de vervallen boerderij.
Het gedicht
van Sebastiaan Roes is te vinden in Arfgood. Verzamelde gedichten. Het
verscheen in 2009 bij uitgeverij Fagus.
Meer
informatie over Hemmink is te vinden in Winterswijk een eeuw verandering deel
3a van Willem Peletier uit 2003 en Scholtengoederen rondom Aalten, Dinxperlo
& Winterswijk van Arjan Ligtenbarg uit 2017.
Bernhard Harfsterkamp heeft brekend nieuws, er komt een 1eGerrit Komrij week in Winterswijk. Eerste want het ligt in de bedoeling dat, ... Hier alvast een passend filmpje van Hermi Hartjes, m.m.v. Bennie Amting (voordracht) en Wouter ten Pas (montage).
Text-to-speech function is limited to 100 characters
Op internet zag ik een gedachtenflard voorbij flitsen van Bernhard Harfsterkamp. 'Opeens vraag ik me af wat Piet Mondriaan graag at. Zou ik dat ergens kunnen vinden?'. De vraag hield mij opeens ook bezig en vond in het prachtige boek van Jan Stap: 'Piet Mondriaan' zijn levensverhaal' enkele opmerkingen daarover. Michel Seuphor, vriend en biograaf:"Zelf deed hij zijn inkopen, verzorgde zijn eten en zijn huis. Hij leefde van linzen en aardappels. Soms kwam ik uitgehongerd bij hem. Na eindeloze zwerftochten door Parijs, en altijd was er een schotel linzen voor mij en een glas witte wijn." Jan Oud, architect vertelt over een week met hem samen, hij had van zijn vader 300 gulden gekregen voor de reis. "Tegen de middag gingen we eten op de Boulevard in een klein restaurantje Chez Alexandre. Een plak vlees, een rond gestold stukje mayonaise met wat 'vulmateriaal'. Een 'quart du vin rouge' om het door te spoelen en als dessert 'un mendiant' of een coeur à la crème'. Het waren maar magere porties. Prijs toen zes francs totaal. Onderweg namen we dan een stokbrood mee voor 'savonds. (-) Ik had nog vrij veel van mijn reisgeld over door dit spaarzame gedoe en toen ik hem vroeg:'Piet, wat zullen we met de rest uitvoeren?' zij hij: 'Eens lekker eten.' We hebben gegeten in het Italiaans restaurant van Poccardi bij de Opera: spaghetti met een fles Chianti!" Maaike van Domselaer-Middelkoop, vriendin weet te melden:"In tegenstelling tot Piet wist ik van koken weinig of niets. Piet kwam regelmatig bij ons in de Pijlsteeg eten. Heintje Smit-Boog, een bevriende boerin, hielp me dan een beetje. Ik herinner me dat we op een winterse zondagmiddag bruine bonen aten, die de boerin bij haar thuis al had gekookt. Ik had van gedroogde appeltjes met een citroenschilletje op een petroleumstelletje een comote gemaakt. Piet en Jaap hadden die middag stevig geborreld. We aten heel laat, zodat we echt honger hadden. Na de fles wijn die we bij de maaltijd nuttigden, kwam Piet in een verrukkelijk-wazige stemming en verwonderde zich er telkens over dat bruine bonen zo lekker waren, 'èn' zei hij, 'als je op zo'n schilletje bijt, weet je gewoon niet wat je proeft; dan ga je door de grond.'" Hij zou een goede kok zijn en hield van vegetarisch eten, maar niet zo streng in de leer, lees NRC>
Is dat effen verbazen. Kom ik daar zo maar twee grote Achterhoekse denkers tegen op de Pick-nick bank voor het Drawing Centre te Diepenheim. Bernhard Harfsterkamp 👉 en Hans Jungerius als onderdeel in het project Eet je uitzicht 👉
Er komt een herdruk van 'De winter wist van geen wijken' de literaire reis door het Winterswijk van Komrij, aangevuld met nieuw materiaal. Lees het nieuws hier>
Hebben Harfsterkamp en consorten de Rode Lijst Top 2000 inmiddels voltooid? Wedden van niet. Klik hier> Is maar goed ook. Een strijdbare Rode LijstTop 2000 zal nooit af zijn! Het karwei is nevernooit niet af :-) & trouwens wat een verwaandheid om deze nummers te claimen voor eigen politieke doeleinden; =)?
In Winterswijk nam de PvdA-afdeling aldaar het initiatief voor een Top 2000 van Linkse Liedjes. Het strijdlied terug op aarde?: "Welke songs komen in aanmerking voor de ultieme Rode Lijst, wat is een Links Liedje? Geen idee. Dat is een gevoel. Het kan een activistische song zijn, een lied met een pleidooi voor meer gelijkheid en rechtvaardigheid of een betere verdeling van de welvaart. Maar misschien ook wel gewoon een mooie song over de kleur rood. Een Links Lied is een gevoel en iedereen met een rood hart voelt wel wat er wordt bedoeld. Aan de hand van de nominaties zullen Ubel Zuiderveld en Bernhard Harfsterkamp van de PvdA Winterswijk de rangorde bepalen van de eerste Top 2000 van Linkse Liedjes. De bedoeling is dat die op Oudjaarsdag definitief en compleet is. Volg de vorderingen van de lijsthier."
Met het gezin maakten we vorige week zondag een wandeling in 't Woold. Vanaf Berenschot langs de Bovenslinge. Een tip uit het boek Beleef de natuur in Winterswijk geschreven door Bernhard Harfsterkamp en Jan Stronks. Diaserie>
Met mijn gezin maakte ik vorige week zondag een wandeling door het Vragenderveen. Een tip uit het boek Beleef de natuur in Winterswijk geschreven door Bernhard Harfsterkamp en Jan Stronks.