dinsdag 28 augustus 2012

Agitprop | Doe effe Normaal halve soul

© Bennie Jolink | A.H., G.W. & A.B.

Bennie ontkent dat het een publiciteitsstunt zou zijn. In ieder geval ouderwets geval van AGITPOP.  Dat heeft de groep toch niet nodig. Waar blijft de humor? In het stemadvies? Wat flauw allemaal en ook nog een slecht schilderij. En ik had net een kaartje gekocht. De veurdeel van de twiefel dan maor? Tsja. 

Lees ook RTVOost>  en NOS> 

HiPP-Tip | Werken uit het Winterswijks Lyceum in Kunst Ende


Vanwege de opening van het nieuwe Gerrit Komrij College is er nog tot 10 november de tentoonstelling van kunstwerken uit de voormalige Winterswijkse middelbare scholen te bezichtigen. Het is een hele mooie tentoonstelling en niet alleen interessant voor oud-leerlingen. Er hangen onder andere werken van Corneille, Appel en Citroen. 

Als je daar op school hebt gezeten heb je die werken vaak gezien, maar als puber lette je er waarschijnlijk niet zo op.

Museum Kunst Ende, Misterstraat 88 Winterswijk. Openingstijden wo-do-vrij. 13.00-16.00. za.10.00-16.00 toegang gratis t/m 10 nov. 2012. Zeer de moeite waard.


De toekomst van morgen


Wubo Ockels: over 10 jaar rijden we allemaal electrisch.

maandag 27 augustus 2012

Ondertussen bij Harfsterkamp | Het Komrijk

Foto: © Bernhard Harfsterkamp | Komrij in Dahlia's 

Er komt een herdruk van 'De winter wist van geen wijken' de literaire reis door het Winterswijk van Komrij, aangevuld met nieuw materiaal. Lees het nieuws hier>

Yep! Jean Tinguely back in town


Foto's: © Hans Mellendijk | Varsseveld | Allegorische optocht A.O.V. | 2012

Zie ook Jean Tinguely>

zaterdag 25 augustus 2012

In Memoriam Neil Armstrong | 1930 - 2012

Illustratie: © Louis Radstaak

Door Achterhoekse ogen | Hinterland




Hinterland

Met gedachten in mijmerstand soes ik in de tropische zon weg. Mijn ogen zijn op zoek naar een zuchtje wind in het lover van de vruchtbomen. Weldra wegkijkend naar het bladerdak van de machtige eik. Daaronder een gemoedelijke visite. Op tuinstoelen aan tafeltjes maar vooral in de schemme. Met het gezicht richting podium waar de Edelweiss Kapelle lustig speelt.
Zo langzamerhand dan toch de leeftijd bereikt dat je werkelijk gaat geloven dat in het paradijs Duits gesproken wordt en anders op een gegeven moment in de hemel wel? Schlagers wisselen zich af zoals de glazen bier met het hitte bestrijdende water.‘Du bist alles, was ich habe auf der Welt’, maffayt het over de feestweide.

Vandaag heeft iedereen goe’jen zin. Het volksfeest wordt gevierd naast de museumboerderij onder het natuurlijke dak dat met dank aan de kwakkelzomer er nog fris groen bij hangt. Bi-j ‘t Hofshuus geet ‘t loos. Maar het dansvloerheuveltje blijft vandaag voornamelijk leeg. Nauwelijks heuvel- en laat staan tafeldans te bekennen daarvoor is de hette te slim. De naar elders weggetrokken ‘aevenolders’ die speciaal voor de kermis terug gekomen zijn naar dit hemelse paradijs aan de rand van ons dorp, zingen lallend met mijn dorpsgenoten mee. Met ‘Marmor, Stein und Eisen bricht aber unsere Liebe nicht’ draaft het Duits nog verder in mijn oren. Met een glimlach herinner ik de uitsmijter van de betreurde Gerrit Komrij, die ooit in een interview beweerde: “Bij Muiden begint Beieren en in de Achterhoek zit je allang in Oostenrijk.” Het volksfeest in mijn dorp heeft altijd een Duitse traditie gehad, de obers liepen er in mijn jeugd in Tiroler lederhosen rond. In de feesttenten zag ik de affiches alweer hangen voor het Oktoberfeest. De muzikale voorkeur zou geïmporteerd zijn door de handelslui die over de Hessenwegen ook wel complete muziekkapellen vervoerden las ik ooit al eens.

’t Zal me benieuwen hoelang dit nog stand zal houden; in de pauze van de Edelweiss Kapelle probeert de geluidsman de jeugd die met Segway’s over de feestweide paraderen te plezieren met Kaboem-Kaboemmuziek. Techno-metal van zeldzame monotone klasse. Niet echt een succes.

Zal ik het hier in de groene huiskamer van mijn dorp nog gaan meemaken, dat dankzij de globaliserende wereld Latijns-Amerikaanse klanken zich gaan vermengen met Chinese fluit? Of dat er Indonesisiche gamelan met klezmer over de feestende lui kolkt? Wat meer variatie zou het muzikale menu geen kwaad doen.

Uitgesoesd schrik ik wakker op het terras bij de oude molen. ‘De Engel’. “Hé bun’k al in ’t darp? “In Dommelen zit men zonder Bossche bollen!” lacht mijn lief cryptisch terwijl haar verhitte nek beneveld wordt door een schand ogend knaapje met een plantenspuit. “Wat mo’j daor veur hebben?” hoor ik iemand reren. “Neet alles hoof wat te kosten” antwoordt de service gerichte jongeman. Dat geeft tenminste hoop in deze crisistijden. We bestellen ons de zigeunerschnitzel en een biertje kan d’r vandaag ok nog wel vanaf. Zo simpel kan het leven soms zijn.

Hans Mellendijk, vandaag in de Gelderlander, edities Achterhoek




                  

Concrete poëzie | DE DEURDOUWERS


Foto: © Hans Mellendijk | Allegorische optocht A.O.V | 2012
't Lanker | De deurdouwers

vrijdag 24 augustus 2012

PUBLICITÉ FANÉE | Op weg naar Praag

Foto: Hans Mellendijk | Praha

Hobokense kameraad Frank De Vos blijft verwelkte reclames publiceren in zijn onvoltroffen webstee> Publicité FanéeOp weg naar Praag>




donderdag 23 augustus 2012

Concrete poëzie | Spektakel | 1woordgedicht?



Foto's: © Hans Mellendijk | Allegorische optocht | Varssevelds Volksfeest 2012 

De Vlegels | Spektakel | 1e prijs Kleine bloemenwagens

Lees ook: Hans Mellendijk | Trek de zommer in cultuur


"Wie bindt daor ‘t spek op de takel?"

zaterdag 18 augustus 2012

V.G.V. wint Allegorische optocht A.O.V. 2012




En de winnaar is de Varsseveldse Gymnastiek Vereniging met 'Vals spel' (45 punten),
2e werd Nooit met 'Op zoek naar de tv-ster' (40 punten).






En de 3e prijs ging naar de Drankelingen met 'Prikkelbaar' (30 punten).

Uit de oude doos | Oranje-andenken



Oranje-andenken

De Algemene Oranje Vereniging zet Loohuzen ok dit jaor weer veur veer dagen op zien kop. In naam van Oranje! In ‘t buurtschap Lintel, ’n endjen wieter op, hef de ­Oranjevereniging ‘n olderwetser naam: ‘Vreest den ko­ning, eert God’. De zet­duvel ver­dreien den koning met God, zag ik gräölend, bi-j ‘t lae­zen van ‘t  herde­nkingsbeuksken.

De könning vrezen? Ik kan mi-j  d’r wal iets bi-j veur­stellen. Qua krachttoer ge­liek Piet Pelle op zien Gazel­le, trappen veureg jaor in óns darp, de könning deur zien rem en varen met fiets en al deur de veurroete van ’t café ‘’t Pluimpje’. Of de ónbense verhalen aover de angst van de souf­fleurs veur ’t oriebelende gesnurk van de schut­ters­könningen die tied­ens de ver­plichte to­neel­veur­stelling, dat traditioneel volgt nao de fees­telijke inhuldi­ging en ‘t oranjebanket, in slaop valt.  Zie könt zich slec­hts rerend ver­staon­baar ma­ken. Nog meer wordt de manne­tjeput­ters ‘evreesd, dee de könning st­unt­fietsend begeleidt vanaf de scheetbane en neet te vergetten de Paravespula germanica, oftewel de wesp. Op de spöllekesweide lik ‘t soms wal of iemand ’n ni-j volks­spöl an ‘t introduceren is. Um de lastige stek­insecten, dee as vleegen op de stroop op ‘t gerstenat afko­mt, te ontwieken wordt de vremste patro­nen ‘evolgd, in ‘n haost dronken pan­tomi­me.  

Gisternaovend trok de allegorische stoet as ‘n blomenkrans deur ‘t versierde darp. D’r was weer völ volk op de been en net as andere jaoren werden de wagens af’ewisseld met dweilorkesten, drumbands en andere mu­ziekcorpsen. Veuropstokken en vlaggen wer­den de lucht in’e­gooid. Dans­mariekes met sten­ders van be­nen zetten ‘t mannelijk publiek in vuur en vlamme. Net as in veurgaonde jaoren, behalve pracht en praal ok opgewónden­heid en teleurstelling um de uutslag van de jury. Bi-j de winnaars de glanzende opge­poetste bekers. Applaus, maar ok af en toe afkeu­rend ge­mor, as ‘t volk ‘t neet ens is met de pun­tentelling, dat töt diep in de nach in de feestende huuskamers te heuren is. Zo geet dat elk jaor. En token jaor zal ’t neet anders wean.

De Ufo-meldigingen in Loohuzen lagen vannach ruum baoven ‘t landelijk gemiddelde, wet veldwachter Eggink op de scheetbane bi-j ’t sportveld te melden. Menig zoeptodde beierend op weg naar huus, zag de zwevende löchten van de lunaparkattracties an veur vlegende schottels en belden óns op. Desalnietemin staot vanmorgen de schutters, weliswaor fris as ’n tuute in ‘n braodtoete en sloereg in de rakker, klaor um ’n kans te maken op ’t Könningsschap.

“Henk Bömer? Is e ‘t? Of is ’t iemand anders? Den daor met d’n grote tasse naost zich op de grónd en de hande in de tesse?” Kameraod Albert wis met zien wiesvinger naor ‘n ietwat braemereg tiep, dee met de rugge nao ons too naor ’t vogelscheeten kik.” “’k Wet ’t neet, maor wacht effen ik word net um’eropen. Ik bun an de beurte” Ik geisel weg van de met piepkes Grolsch bezeide taofel. Ik zeuk mi-j strómpelend ‘n weg deur ‘t feestvierende volk in de kantine van de sportclub.



Henk Bömer, bedenker van de ‘Loohuzense zaddoe:k’. De neus snuten, zonder gebruuk te maken van ’n plodde. I-j kniept de neus boaven de neusvleugels dicht en snuut dan ‘t snot in ‘n asbak of op de grónd. Ik ken ‘m sinds ik ‘n blauwe maondag in de redactie zat van ‘t voetbalclubblad. Hie verzörgen de hobbyrubriek. Mi-j steet nog helder dé foto veur de geest. ‘n Asbak ‘emaakt van ‘n Grolsch beugelfles. De knalpot is in de lengte met ‘n glassnieder in twee ongelieke helften ‘ezaagd. Beide bólle kanten bunt met twee seconden liem tegen elkaar ‘eplekt. Ik verloor ‘m daarnao uut ‘t oge. Töt ‘t moment dat op óns Oranjefeest ‘n andere vondst van ‘m populair wier. De inmiddels wereldwiet verspreide Bömerbalk. ‘t Zwarte papieren strookje dat menig paar ogen van beroemdheden hef bedekt as dee neet ‘efotografeerd wenst te worden. Het probate middel um opdringerige kermisfotografen te óntlopen. Echter nao de ‘Big-Brother’ gekte was de markt van disse privacy-beschermer in’estort. ‘t Wier daornao slechts móndjesmaot ‘ebruukt en dan veural deur zwaore criminelen. Slao d’r de wakkere krant van Nederland er bi-j ów kapper maor ens op nao, vertelde Henk mi-j, toen ik ‘m begin dit jaor trof op de Horecabeurs   bi-j de stand van de Oost-Nederlandse brouwer. Hie hat toen nogal geheimzinnig ‘edaon. Maor nea, hoe ik ok zuke, ik kan ‘m nów in de meute neet in zicht kriegen.

Endlek kom ik zweitend an bi-j de paol en kan ik anleggen. Alleen de rómp is nog aover. Eggink wenst mi-j geluk. Ik richt en heb wat d’r nog van de vogel aover is in ’t vizier. Dan kump door plots ’n wesp um mien kop hen soezen. Kabaats, ik schete finaal langs de vogel hen en stoeve ónderdäöneg ’t voetbalveld op um de lilleken óndog te ontwieken. ’t Könningschap kan ik dit jaor wal vergetten.

“Jao, jao dan ha’j moar ’n Bömerhotel bi-j ow motten dragen.” ’n Stieper-dikken keerl vengt mi-j op. Warempel hie is ‘t! Bömer uut Lintel. Ik herinner mi-j nów weer de pracht vinding veur de wespvrezende volksfeestgangers. ‘t Gepatenteerde Bömerhotel, ‘n hotel dat wel in- maor neet uut­schrif. ’t Zittende gat hat zich ’t volgende bedacht. I-j nemt ‘n läöge mosterdpot -model bierpul- daorin geet i-j ‘n laoge Ranja of nog better Oranjebitter. Daornao sluut i-j ‘t glas weer af met ‘t rode plastic dekkeltjen. Nów prik i-j met ’n vief duums spieker ‘n log in de dekkel. ‘n Gat, groot genóg, um ‘n wesp deur te laoten. Ónsekurege leu den­kt nów dat ‘t hotel op’eleverd kan worden. Niks is minder waor. De afwarking mot nog vol­gen. De anvleegrou­te! Knip daorveur uut ‘n stukje oranjekleurig kar­ton ‘n piele, met daorop in fraaie letters ‘eschreven ‘Wespenho­tel'. Bevestig dit met de punt van de piel, richting opening en i-j hebt niks meer te vrezen.

“Mojn Henk. Wat breg ów dan hier?” “Eh, ik bun de hele margen al óp schabber-de-bónk. Handel i-j wet wal! Wö’j ’n pilsje veur de schrik?”  “Jao doe d’r mi-j maor éne.” “Astebleef dan.” “Proost!” Ik lurk uut ’t angereikte piepken as Henk uut zien tasse ‘n oranjekleurige beker pakt. “Hier drink toch uut ’n glas. Den is veur ów.” Ik pak ‘t an en bestudeer ‘t plastic trechtervormige geval. “Jao bekiek ’t ów maor ’s goed. Mien ni-je uutvinding!” ‘t bierglas blik ‘n deurdrukbare baodem te hebben. “Waor ‘s dat dan goed veur?” Trots pakt e ‘t glas weer van mi-j af, drukt de baodem d’r uut en hölt de smalste opening veur zien mónd: “Oh, dan kö’j ‘m ok gebruken as sprektoeter” “Da’s handig” antwoord ik ‘m. “Wat zeg i-j?”. Henk döt asof e doof is ‘eworden en zet de trechter an zien rechteroor en vervolgt: “Of as geheurapparaat” daormet de andere functie demonstrerend. Henk vertelt mi-j, dat toen ik ‘m veur ‘t laatst tegenkwam, hie net ‘n deal hat af’esloten met de Grolsch. De Oranje ‘Bömersprektoeter en luustervink’ hat de hit motten worden tiedens EURO 2000. Hie was d’r met open armen ontvangen. Maor tja, deur dee verschrikkelijke vuurwerkramp hat de Enschedese brouwer wel wat anders an de kop. Toen hat e op eigen risico “tigduuzend” exemplaren laoten maken. Maar ‘t kwam te laat op de markt en ‘t Nederlands elftal leet ‘m in de steek. “Tja ‘n kleinigheid hol i-j toch.” Hie wis naor zien uutpulende tasse. “Nów zit ik dus met de handel. En ik dacht dee word ik wal kwiet op owluu Oranjefeest. Maor dat völt nog vies tegen”. Lachend nem ik afscheid van de Achterhookse uutvinder en lope terug naor mien kameraode. Uutendelik  wört niemand uut ónze kring könning. Maor weer wachten töt token jaor. Nao de vaandelhulde veur de kersverse könning wört de  hele meddag deur de helen klimbim in ’t darp rónd ‘ebanjerd, -‘edalvt en –‘edaast.

Op de letsten aovend in de feesttente begeef ik mi-j nog eenmaol op de dansvloer. Foi, foi toch, wat geet ‘Boh Foi Toch’ d’r op! ‘De schutteri-j’ kump langs. Kadroemskedrae, Kadroemskedrae. De band mek ’t bal sloes met: “Wi-j könt ’n jaor verdan. En token jaor, jao token jaor en token jaor dan geet ’t weer opni-j van veurn af an.”
Ik probeer mi-j met ‘n hese stem verstaonbaor te maken bi-j ’t zugabe roe:pen. ‘t Rondje bestellen völt mi-j zwaor. Ik heur neet wat m’n leef nów weer zeggen wil. ‘n Betjen toeter verlang ik naar ’t Oranje-andenken de ‘Bömertoeter’


donderdag 16 augustus 2012

Geelzucht III is bezorgd



De postbode bezorgde gisteren eindelijk de gedrukte versie van GEELZUCHT III in mijn brievenbus. Met in de Rechtvaardiging behalve de handtekeningen van de dichters van dienst weer een vermelding van de gastdichters>. Waarvan de bijdragen op het blog te lezen zijn. Mooi weer. Kopen die uitgave!


Denktanks | Rubik's kubus

Foto: © Hans Mellendijk | Janův Důl


Rubik's kubus voor dummies>

zaterdag 11 augustus 2012

Uit de oude doos | Publiekstrekker




Publiekstrekker

Het woord (afgeleid van het Latijn: trahere dat “trekken” betekent) is een algemene omschrijving voor een voertuig dat iets kan trekken, duwen of slepen wat geen eigen aandrijving heeft. In de geïndustrialiseerde wereld heeft de tractor, want daar heb ik het over, de rol van trekdieren vrijwel volledig overgenomen.
In mijn jeugd kwam ik het werkpaard in allerlei gedaanten tegen. Bij buurman Kraan die loonwerker was bracht het hoestend de dorsmachine in werking, als de oogst daar was. Een neef van de buurman ploegde met een tweewielerig exempaar, een tuinbouwpony, het land extra omhoog als de aardappelen daarom vroegen. Mijn vader bouwde op z’n werk grote Fordson Majors om tot wegschavers.  Zij hielden in de jaren vijftig van de vorige eeuw de binnenwegen berijdbaar en het platteland bereikbaar. Bij ooms en opa’s  zag ik ze zware arbeid verrichten op het land.

De trekker bracht de Achterhoek in cultuur. Ik hoor de tractoren voorbijgaan. Massey Ferguson. Het rode gevaar Farmall Harvest International. De Lanz Bulldog ploft bong, bong, bong, bong, … door de straten. Welluidend klinkt in de verte Bolinder-Munktell.Symbool voor de mechanisatie van het boerenland, waar een ieder zo zijn mening over kan hebben. De schaalvergroting is er daar één van. De boer die vroeger van acht koeien een bestaan kon opbouwen dient er nu tachtig ja ik hoorde op een rondleiding bij een Aaltens wijngoed zelfs achthonderd te hebben. Wil hij rendabel kunnen boeren.

Vroeger was de dorpsbewoner nog één met de seizoenen en kon je in de oogstijd een trekker met een volgeladen hooiwagen nog wel eens door het dorp zien rijden en was je op de hoogte met wat er op het boerenland gebeurde. Tegenwoordig worden de grote trekkermonsters met hun mestinjecteurs of andere reusachtige constructies gemeden uit de negorij. Ze worden omgeleid via de rondwegen en op speciale parkeerplaatsen dienen ze het burgerverkeer voorang te verlenen.

Het kan verkeren. Al zie ik gelukkig op zomerse toogdagen de jonge boer soms samen met zijn vader in een nostagische bui met zo’n prachtig voorbeeld van ‘vorm volgt functie’ door het Achterhoekse landschap tuffen. Daarom wordt het tijd om de trekker te eren, even stil te staan bij een tijdperk dat afgesloten wordt. En alles waar we ’t hart aan verpand hebben inspireert en brengt ons cultuur. Ik zag op internet verschillende filmpjes voorbij flitsen. Waarbij een stationair lopend tractor werd ingezet als metronoom. De drummachines begeleidden er muzikanten alsof ze niks anders gedaan hebben. Google voor de gein maar eens ‘Tractor en muziek’ op You Tube en een wereld gaat voor u open. Of kom vanmiddag naar het Doetinchemse Simonsplein. Speciaal voor Cultuurzomer Achterhoek is het Alan Gascoigne Trio omgevormd tot een kwartet. Voor de gelegenheid wordt het trio versterkt met een vierde ‘muzikant’, een 19 paardekracht tellende Hanomag R420. 

Hans Mellendijk in de Gelderlander, edities Achterhoek, 11 juli 2011