vrijdag 27 november 2015

Intussen in Enschede



Gisteren naar de Turner-tentoonstelling in het Rijksmuseum Twenthe geweest en daarna in Café het Bolwerk bijgepraat met oud AKI-studiegenoot Herman Van Den Boom>. Zeer informatief en aimabel voor herhaling vatbaar. Vervolg in Heks volgend jaar? We hadden elkaar dan ook al geen veertig jaar -schat ik in- meer live gesproken. Wel sinds de laatste jaren via Facebook elkaar herontdekt.






Column

de Gelderlander 26-11-2015

Ondertussen in Amersfoort


Vorige week vrijdag namen Abel, Rolf en ik namens de Kunstcie OIJ afscheid van de ad-interim ambtenaar Tineke. We reisden daarvoor af naar Amersfoort. Zie hier korte impressie van onze excursie> Tineke nogmaals dank!

donderdag 26 november 2015

Column | Hans Mellendijk | Ondertussen in Oost



Ondertussen in Oost | Hans Mellendijk, de Gelderlander, edities Achterhoek, 26-11-2015


Langzaam worden de gevolgen in het culturele landschap van het Oosten op de bezuinigingen zichtbaar.
In Arnhem Oostpool en Introdans in één gebouw. Weldra ook daarna het nieuws uit Doetinchem dat de drie grote spelers in onze centrumgemeente denken aan een nauwe samenwerking. Amphion, Gruitpoort en de Muziekschool, willen in de toekomst onder de naam Cultuurbedrijf Oost-Gelderland verder gaan.
Een driekoppig orakel zie ik op internet in een vermakelijke videoclip de voordelen opnoemen.
Maar welke ‘drietebuul’ heeft bedacht om dit Oost-Gelderland te noemen? Ik begrijp dat hier regionale belangen spelen. ’t Zal. Het is wellicht nog wat onderbelicht. Ik zie in het plan een popzaal genoemd. Doelen ze dan op die in Ulft? Hoe zit het met de samenwerking met de Cultuurfabriek met die buren uit de Oude IJsselstreek?

En ziet niemand dan dat die naam wel heel veel lijkt op CultuurMij Oost, het eerste resultaat van de provinciale bezuinigingen? De provinciale organisatie begin 2014 voortgekomen uit het samengaan van EDU-ART (expertisecentrum voor binnenschoolse cultuureducatie) en het KCG (Gelders kenniscentrum voor kunst en cultuur). Oost staat daar dan voor Gelderland -eventueel wensdromend later met Overijssel erbij. In ieder geval moeten we dat vanuit een landelijk perspectief zien.

Ik hoorde een organisator van de Architectuur Prijs Achterhoek ook al klagen over die grens die elk jaar vanwege de naamgeving weer getrokken wordt. Terwijl er toch ook werkelijk beneden de grens van de autobaan Arnhem-Beek mooi gebouwd wordt. Ik zou zeggen wat is er op tegen om het Achterhoek-Liemers te noemen? In ieder geval niet dat onpersoonlijke met Oost-Gelderland erin.

Daar waren we dacht ik eindelijk na jaren en het groeiende Achterhoeks zelfbewustzijn vanaf. Gelderland waar de inwoners van de Achterhoek niets mee hebben zoals we konden lezen in een recent onderzoek. Toch?

Jeroen Henneman


dinsdag 24 november 2015

Alfabet compleet


HiPP collega Louis Radstaak heeft zijn Agrarisch alfabet voltooid. Zie hier zijn collectie gevonden in het agrarische buitengebied van de Achterhoek. > Alhoewel, voor de B, K en Z is hij nog op zoek naar een beter exemplaar.

Zie ook Gemengde berichten | Van A tot Z>

De ontdekking van Grafeen


Oud HBS-klasgenoot Ineke Berentschot complimenteerde me met mijn gedicht De ontdekking van Grafeen en maakte me attent op de (mede-)vader van het materiaal. De natuurkundige en Spinozawinnaar Mikhail Katsnelson van de Radboud Universiteit en dat hij ook als dichter actief is. Wist ik niet. Zie hier meer

zaterdag 21 november 2015

vrijdag 20 november 2015

dinsdag 17 november 2015

Ondertussen in ICER bij BREEKijzer


Tot half januari in ICER: Joya Nelissen schildert de wereld aan elkaar.



Haar werk heeft ritme en kleur als grondtoon. Soms vrije motieven die vanzelf ontstaan met als basis het vierkant. Vandaar uit improviseert ze verder. Nooit bedacht van te voren, of het zou een kleur moeten zijn die haar bekoort, waarmee ze dan begint. Of het materiaal, bijvoorbeeld een potlood, oliebar, penseel met inkt. Tijdens het werk ontstaat er een ritme met kleur. In haar handen zit de  kennis waar ze zelf nauwelijks weet van heeft.

Toch gebeuren er ook dingen waar ze wel haar hoofd bij nodig heeft. Als ze ineens een patroon neemt van lang geleden uit Azerbeidzjan en dat vermengt met de nagetekende merklap uit Gendringen.
Of gedeeltes van een kelim uit Afghanistan met de paarden van een sjaal uit Thailand, met de motieven van een schoteltje uit haar keuken.

Op die manier schildert ze de wereld aan elkaar en brengt het individuele naar een groter geheel.

Uiteindelijk zou je kunnen zeggen is ze op zoek naar de opluchting die ontstaat bij het samenvallen van het betekenisvolle met het betekenisloze tegelijkertijd.


Tweeëntwintig jaar geleden kwam Joya in de Achterhoek wonen. Eerst in Haarlo na drie jaar verhuisde ze naar Voorst in de Oude IJsselstreek. Daarvoor had ze in verschillende andere delen van land en wereld gewoond. Hoe totaal anders werd het hier. Ze zette anderhalf boerenland om in natuurland. Een verwilder tuin met niveauverschillen, een vuurplaats en water. In de zomer werd er buiten geleefd in het geluid van de honderden kikkers, onder maan en sterren in de opkomende zon. Er werd buurt gemaakt. Alle regels van ’t naoberschap werden gevolgd, maar er is een ongeschreven regel te overwinnen. Zij is niet van hier. Die van hier wachten op zij die niet van hier is. Zij die niet van hier is gaat bij die van hier op bezoek. En zij die niet van hier is wacht maar er komt niemand die van hier blijven thuis en nodigen uit.

Langzamerhand ontstaat er ook een antropologische kijk op het sociale leven om haar heen, tijdens verjaardagen, bruiloften en begrafenissen. Een enkele keer lukt het haar in de dichtbijheid en intimiteit van mensen van haar buurtschap te komen.

Ze schrijft: ‘Ik zal je missen land en je bewoners, … de rust, in de winkel als je haast hebt de stilte, als je ’s avonds buiten zit, de warmte, dat je ‘s avonds veel langer buiten kunt zitten, de ruimte, dat je heel lang, als je fietst niemand tegen komt de vriendelijkheid en ’t geduld, als je in je auto rijdt en iemand even voor je moet wachten. De schoonheid van de taal, de verlegenheid van de mensen, de vanzelfsprekendheid waarmee dit alles er is … dank je wel.”

Na 22 jaar gaat Joya terug naar de zee en de duinen, naar het open land van de 1000 winden.

Andere gebeurtenissen in haar leven; de zorg voor en het onafwendbare afscheid van haar dementerende moeder, deed haar besluiten uit de Oude IJsselstreek te vertrekken. Het afscheidsproces is vastgelegd in een collage dat te bezichtigen is in de werkplaatsen van Kunstenaarscollectief BREEKijzer.

Het overige werk op de tentoonstellingspanelen in de giethal van ICER. Allemaal te bezichtigen tijdens de openingstijden.

Zie ook Handeling 19 | 22 april 2015 | Paul van der Lee | Plan Radix> 

Wegdekdroedels maken school


Van oud-collega Irene Companjen kreeg ik deze foto opgestuurd Een kunstwerk van Paul Bogaers dat ze zag in Foam. Wegdekdroedels maken school in de kunsten. 

zaterdag 14 november 2015

Paris | 13-11-2015


Parijs ontwaakt | NOS >

Volkskrant>

Ondertussen in Lichtenvoorde



HiPP zal optreden op zondag 15 november in Galerie Lodiek te Lichtenvoorde.
Galerie Lodiek opent binnenkort een nieuwe expositie in het nieuwe Sociaal Cultureel Centrum Den Diek in Lichtenvoorde. De galerie brengt kunstenaars met en zonder beperking samen. Te zien is werk van fotograaf Patrick Peters, beeldend kunstenaar Hennie Wieland en schilder Krijn Buchly. De expositie wordt zondag 11 oktober geopend. Toegang is gratis en de openingsuren zijn van 14.00 tot 17.00 uur. De exposanten zijn zelf ook aanwezig om een nieuw kunstwerk te creëren of om uitleg te geven over hun werk.

donderdag 12 november 2015

Column | Hans Mellendijk | Dennen waren we

Foto: Hugo Jaartsveld 

Dennen waren we | Hans Mellendijk, de Gelderlander, edities Achterhoek, 12 november 2015.

Als je maar genoeg tijd van leven hebt dan wordt je vanzelf geschiedenis. Het overkomt me dit jaar tweemaal. Begin herfst een telefoontje uit Hilversum. Een researcher bezig met een programmaserie over de jaren 60, stuit googlend naar het verschijnsel luisterkorps op een column van mij, waarin ik het fenomeen van uitwisseling beschreef. Je adres kwam in het blad Hitweek op een lijst te staan van muziekliefhebbers die dan een afspraak met je konden maken om samen naar je langspeelplaatcollecie te luisteren. In mijn geval een leeg kippenhok dat als jeugdhonk, repetitieruimte dienst deed. Ik vertel de onderzoekster enthousiast over het initiatief en voordat ik het weet staat er een cameraploeg drie zestigers te filmen in een stoffig kippenhok irgendwo op Sinderen. Luisterend naar oude meuk en bladerend in vergeelde Hitweeks en fotoalbums. Dennen waren we, maar wel aardige dennen.

In de zomer een e-mailtje of ik mee wil werken aan een fotoboek dat op stapel staat over de jaren 65-85 uit de collectie Hugo Jaartsveld. Maar natuurlijk. En weldra struin ik in mijn eigen verleden en volgt een uitwisseling van gegevens en zet ik wat op papier over de periode dat ik samen met hem in de redactie van de roemruchte Anhangerschapbode zat. De beginjaren van Normaal, veertig jaar geleden. 

Dan zondag de langverwachte presentatie, het valt niet tegen. Een caleidoscopisch tijdsbeeld is door de samenstellers neergezet. In mooi zwart wit die de te jong gestorven fotograaf als geen ander beheerste zien we de Achterhoek wakker worden.

Ik bekijk het publiek in de overvolle zaal. Inderdaad, dennen waren we. Eiken zijn we geworden.

Later die middag op de terugweg naar huis zie ik de decemberverlichting in de Hamburgerstraat. Ik besef dat met het kloeke boek een tijd is beschreven waarin het niet nodig was om de kerstverlichting te duiden als Sfeervol Doetinchem. Dat was het ‘vaneigens’ al.