vrijdag 21 maart 2014

Manges in Lechtenvoorde




Ondertussen wordt er in Lichtenvoorde door Talie Wijlens en Willem te Voortwis hard gewerkt aan de eind montage van de gefilmde poëtische lassen in het programma van Plat Gespöld. De voorstelling aanstaande zondag is uitverkocht hoorde ik Willem vertellen. Mooi resultaat!

Plat Gespöld


donderdag 20 maart 2014

Mangs in Varsseveld | Plat Gespöld

De column Streektaal van Bert Scheuter (afgelopen zaterdag in de Gelderlander)

Wat en wie vliegt waar?




BOTER, KAAS EN EIEREN | Hans Mellendijk


Luchtwegen UB 1, UZ 703 - Varsseveld

Adembenemend
wijd in de verte, voorbij Laurentiuskerk,

huiverfietsend langs beemd, de wei
bebloemd vol met rustend voorjaarszin,

condensstrepen kruisen een X
boven Westendorp. ‘t Is niet niks.

Uitgewaaierd waterdamp
in een onwaarschijnlijk licht.

Een letterpiloot boven het IJ
herinner ik, boezemde kunstzin in.

Boter-kaas-en-eieren de wet?
Wie is er godsammenan aan zet?

En onheilspellend
hoefgekletter van vier ruiters onder het zwerk.


zondag 16 maart 2014

Reizen, ondertussen in Doetinchem

Ineke ter Haar 

Hans Mellendijk

Vanmiddag werd op 'tWEB te Doetinchem de tentoonstelling Beeld en dichter op reis geopend. Helma Snélooper onder begeleiding van violist Vincent van Dam en Ankh Gussinklo droegen enkele gedichten voor. De werken zijn ook verwerkt in posters, die voor 5 Euro bij 'tWEB te koop zijn. Ik heb een gedicht afgestaan bij een werk van Ineke ter Haar.



Zie hier meer>

Zondagclip | Toots Thielemans | Bluesette


zaterdag 15 maart 2014

Door Achterhoekse Ogen | Atlas



Atlas, Hans Mellendijk, de Gelderlander 10 mei 2003

Op 4 mei bladerend door ‘Die dag in mei vergeet ik niet’, een Ooievaar Pocket uitgegeven in 1995 met de mooiste Nederlandse bevrijdingspoëzie gekozen door Hans Warren, valt mijn oog op een fragment van het gedicht ‘De bevrijding van Dalfsen’ geschreven door Victor E. van Vriesland.
“Dit was wat aan berichten wij vernamen/Door radio of van bekenden: Bij/Dinxperlo kwam op achtentwintig maart/De strijd voor bevrijding van ons land/Op Nederlandse bodem. Megchelen,/Gendringen, Voorst en Ulft hadden al dagen/Tevoren onder vuur gelegen. In de/Laatre berichten doken toen al spoedig/De namen op van Zutphen en van Lochem,/Westervoort –de geboorteplaats van Dèr Mouw -,/Hengelo, Enschede, Aalten, Haaksbergen,/Delden, Groenlo. Men naderde ’t nabije/Ommen. Als een vloedgolf zwol de emotie.”

Een gedeelte uit een langer verhalend gedicht over de laatste oorlogshandelingen in Oost Nederland, 1945. Het hele gedicht roept associaties op met de verhalen in ‘Er Op of er onder’. Een boekwerk dat een jaar na de Tweede Wereldoorlog verscheen met als ondertitel: “Hoe Achterhoek en Lijmers de Duitsche bezetting doorstonden en ervan werden bevrijd.” Een boek dat in mijn herinnering in de jaren vijftig, zestig in elke Achterhoekse boekenkast stond –behalve bij de mensen die fout waren geweest, maar tja daar kwam je niet- en waarvan de foto’s me als kind het meest intrigeerden. Spannende oorlogsverhalen, die tijdens de met sigarenrookwalm bezwangerde verjaardagvisites werden opgedist en waar ik aandachtig met rode oortjes naar luisterde, versterkten het beeld. Beangstigende afbeeldingen van kapotgeschoten gebouwen. Gebombardeerde treinen, verwoeste straten. Als ik het erfstuk nu weer inkijk valt het allemaal nogal mee. We zijn momenteel ruim een halve eeuw verder en de wereld heeft daarna talloze gruwelijker beelden geproduceerd. Een ijzingwekkende gewenning is opgetreden.

Het gedicht was me nooit eerder opgevallen. Maar op een of andere manier zuigen de reeks Achterhoekse plaatsnamen me nu het gedicht in. Ik noteer het gedicht in mijn bescheiden atlas van literaire fragmenten. Een lullige boekhouding met letterkundige verwijzingen, geordend op plaatsnaam. De oogst deze maand is groot. Zo scoorde ik ter gelegenheid van de Waeke van het Achterhookse en Liemerse Book 2003 de nieuwe gedichtenbundel van Sebastiaan Roes. “Afscheid van Grolle”. Alleen al vanwege de vormgeving een juweeltje in de boekenkast. Prachtige gedichten, voornamelijk in het Groenlose dialect geschreven en met de broodnodige ironie geïllustreerd. Tekenend is een detail uit een schilderij van Hieronymus Bosch dat de afdeling ‘Grolse kwaolen’ begeleidt. Een schedeloperatie ter genezing van de vallende ziekte. De heelmeester zien we op het achterplat terug als zelfportret van de poëet. Ook in deze bundel is de oorlog aanwezig. Onder ander in een cyclus van vijf gedichten, indrukwekkend in hun eenvoud, wordt het onvermijdelijke verwoord. ‘Van Juichende stemmen. Kammeraodschap en jongen aovermood’ op weg naar het front tot een naam op ‘t oorlogsmonument. Aangevuld met een indringende foto van gewonde Amerikaanse soldaten, wachtend op transport op de stranden van Normandië, en een meelijwekkende afbeelding van een huilende veertien jarige Duitse soldaat, krijgsgevangen gemaakt bij diezelfde slag.

Een ander boek zeer de moeite waard en ook briljant qua grafische vormgeving is ‘Wachten op een brief’. Een historische roman geschreven door Martine Letterie. Een uitgave van de Stichting voor Kunst en Cultuur Gelderland, verschenen in de serie Gelderse Cahiers. De jeugdroman speelt zich grotendeels af in het Doetinchem van 1926. Alwaar de zestienjarige Mathilde uit Antwerpen na een hopeloze liefdesaffaire door haar ouders samen met haar tante Jeanne naar toe wordt gestuurd. Om haar op andere gedachten te brengen. In Doetinchem kan ze een opleiding volgen en haar grote liefde Marcel vergeten. Jeanne heeft romantische herinneringen aan Doetinchem vanwege haar gedwongen verblijf in de Grote Oorlog. De Eerste Wereldoorlog toen een miljoen Belgische vluchtelingen naar ons land gekomen zijn. De ontwikkelingsroman rolt zich af in en rondom het voormalige tramhotel Zutphen-Emmerik. Toen nog het knooppunt van openbaar vervoer in de Achterhoek. Ik smul van de beschrijvingen. Waarbij natuurlijk wel meespeelt dat ik in hetzelfde gebouw jaren gewerkt heb. Ook het lief en leed gedeeld heb. Nu is het afgebroken en heeft het plaats gemaakt voor het ‘aquarium’ van de Gruitpoort. Ook voor volwassenen die houden van een snufje nekhaartjesromantiek en af en toe een traan, een aanrader.


Eindelijk heeft Doetinchem dan nu ook een kloeke verwijzing in mijn atlas. Wat dat aangaat behaalt Winterswijk vooral dankzij Komrij, maar ook Krosenbrink een hogere score. Okay de dichter Dèr Mouw woonde in Doetinchem maar schreef pas zijn indrukwekkende oeuvre van vijfhonderd bladzijden sprankelende poëzie toen hij het provinciestadje na een conflict ontvluchtte.

vrijdag 14 maart 2014

donderdag 13 maart 2014

Vertrekken is een beetje doodgaan, ....



Beste poëzieliefhebbers,

Het Poëziecentrum Nederland is op 3 februari 2006 officieel geopend door Gerrit Kouwenaar die bij die gelegenheid o.a. het volgende zei:

“Ik heb veel openingen gedaan, meestal van exposities. Maar dit centrum is beslist uniek voor Nederland en de naam getuigt dan ook van gepaste zelfkennis. De persoonlijke liefhebberij van Wim van Til is uitgegroeid tot een belangwekkend informatie- en studiecentrum.”

De stap van Geffen naar Bredevoort is inderdaad een goede geweest. In de afgelopen jaren is de naambekendheid van het PcN zeker toegenomen. Dat is niet in de laatste plaats te danken aan de serie Ontmoet de dichter…, die op 16 september 2006 van start ging met Menno Wigman en met (slechts) 5 bezoekers. Sindsdien is het aantal dichters dat aan tafel is aangeschoven gegroeid tot 75  en het bezoekersaantal tot gemiddeld 16 à 17 met uitschieters naar 35. En er zijn meer factoren die de groei bepaald hebben: 
de Omsmeders en hun projecten, de cursussen en workshops en ook het Poëzielaboratorium.

Toch komt er definitief een eind aan de PcN-periode in Bredevoort. Op 22 maart a.s. vindt de laatste aflevering van Ontmoet de dichter… plaats in de ruimte van het Poëziecentrum Nederland. Dat wordt wel een speciale bijeenkomst, een hommage aan één van de grootste Nederlandse dichters die onze moderne letterkunde heeft voortgebracht: Gerrit Kouwenaar.

Tijdens deze Ontmoet de dichter… vertonen we videobeelden, draaien we een plaatje (echt vinyl) en beluisteren we de dichter die zijn gedichten leest en anderen die zijn gedichten zingen. Sommige van zijn gedichten worden nader bekeken en toegelicht, en zijn beste gedichten gaan over tafel.

Voor dat laatste kunt u zorgen! Als u komt op 22 maart, neem dan uw favoriete gedicht uit het oeuvre van Gerrit Kouwenaar mee, zodat we er met ons allen van kunnen genieten.

Een slotmiddag in een bijna leeg Poëziecentrum Nederland met een tikje weemoed, een blijmoedige blik in de toekomst en geweldige gedichten!

U bent van harte welkom tussen 15.00 en 17.00 uur (let op: afwijkende begintijd).
Entree: 1 bananendoos per persoon voor de laatste loodjes.


Enghuizer dialogen I 



Ik kijk naar u uit!
Hartelijke groet,

Wim van Til