Vanaf vandaag neemt de Poëzieweek 2026 👉 een aanvang. In dat kader wordt op 31 januari de kelder van Boekhandel Roelants weer bevolkt door poëzieliefhebbers; 22 dichters lezen afgewisseld met muziek, in drie blokken; twee gedichten van eigen hand en een gedicht van een collega.
Verwacht voordrachten door o.a. Nadine Eugenie Ancher, Bert van Beek, Rosanne de Boer, Monica Boschman, Tsead Bruinja, Marijke Hanegraaf, Anne Bosveld, Merlijn Huntjens, Rinske Kegel, Heidi Koren, Ella Kortis, Nelleke Lamme-den Boer, Saskia van Leendert, Monique Leferink op Reinink, Nadine Robertus, Simon Mamahit, Hans Mellendijk, Mario Reijnen, Joep Stapel, Wim van Til, Victor Vroomkoning en Monique Wilmer-Leegwater
Aanvang: 13.30u Toegang: gratis
Wil je weten hoe het vorig jaar was, neem dan een kijkje hier 👉
Zeventien dichters lezen Montale - Poëzie in de Kelder 2 bij Boekhandel Roelants te Nijmegen op 15 juni
Met Nadine Ancher, Ineke Berentschot, Monica Boschman, Anne Bosveld, Mario van Brakel, Tsead Bruinja, Vicky Francken, Dennis Gaens, Marijke Hanegraaf, Jur Koksma, Heidi Koren, Saskia van Leendert, Hans Mellendijk, Joep Stapel, Wim van Til, Janneke Vermeulen en Victor Vroomkoning
Op zondagmiddag 15 juni vindt er weer een poëziemiddag plaats in de kelder van boekhandel Roelants. De bundelOssi di seppia / Zeekatskelettenvan de Italiaanse Nobelprijswinnaar Eugenio Montale, vertaald door Jur Koksma en Joep Stapel, staat centraal. Op 15 juni is het namelijk exact honderd jaar geleden datOssi di seppia / Zeekatskelettenin Turijn verscheen. Het debuut van Montale geldt nog altijd als een klassieker in de Italiaanse poëzie en is nu voor het eerst in een volledig tweetalige editie uitgebracht door uitgeverij IJzer. Alle deelnemende dichters lezen een van de vertalingen aangevuld met een korte voordracht uit eigen werk.
Datum: 15 juni 2025
Aanvang: 14.00 u. (einde om 16.00 u.)
Locatie: Van Broeckhuysenstraat 34 - Tweede Walstraat 7 in Nijmegen
Beste mensen, mááán (morgenmiddag om precies te zijn) sta ik bij boekhandel Roelants 👉in de kelder. Gedurende deze week worden er in Nederland en Vlaanderen allerlei evenementen georganiseerd rondom poëzie. Voormalig Dichter des Vaderlands Tsead Bruinja en voormalig stadsdichter van Nijmegen Heidi Koren benaderden Boekhandel Roelants voor een samenwerking, mede vanwege het uitgebreide assortiment poëzie dat in de winkel van Julius Roelants aangeboden wordt. Het resultaat: een middag met muziek en voordrachten door twintig dichters, waaronder een aantal oud-staddichters van Nijmegen, die allemaal niet alleen eigen werk maar ook werk van collega-dichters zullen voordragen.
Omstreeks 14:00 u. ben ik aan de beurt. Zeven minuten voordracht. Wees welkom!
Het programma vangt aan om 13u30 en eindigt ca. 17 uur. Gedurende het gehele programma is er een vrije in- en uitloop.
Tsead Bruinja (eventueel met Arnold de Boer samen een set)
ZEA (8 min / 2 nummers)
Vicky Francken
Victor Vroomkoning
Wout Waanders
17.00 u.Einde
Tsead Bruinja en muzikant Zea trokken met collega-dichters en fotografe Rosa van Ederen in 2022 door Fryslân om in woonzorginstellingen verhalen van oudere Friezen op te tekenen. Dit project heeft Leeuwarden UNESCO City of Literature overgenomen van de Stichting Dichter des Vaderlands.
In deze video brengt Zea (Arnold de Boer) het lied De Lauwerssee.
Kom op 2 februari naar Nijmegen voor Poëzie in de Kelder
Met optredens van: Amal Karam, Annelie David, Dennis Gaens, Frouke Arns, Hans Mellendijk, Heidi Koren, Joep Stapel, Josine Schuilenburg, Jur Koksma, Marijke Hanegraaf, Mario Reijnen, Monique Leferink op Reinink, Monique Wilmer-Leegwater, Nelleke Lamme-den Boer, Rinske Kegel, Saskia van Leendert, Thijs Kersten, Tsead Bruinja, Vicky Francken, Victor Vroomkoning, Wout Waanders en muziek door Zea.
Van 30 januari tot en met 5 februari is het weer Poëzieweek (https://www.poezieweek.com/). Gedurende deze week worden er in Nederland en Vlaanderen allerlei evenementen georganiseerd rondom poëzie. Voormalig Dichter des Vaderlands Tsead Bruinja en voormalig stadsdichter van Nijmegen Heidi Koren benaderden Boekhandel Roelants voor een samenwerking, mede vanwege het uitgebreide assortiment poëzie dat in de winkel van Julius Roelants aangeboden wordt. Het resultaat: een middag met muziek en voordrachten door een kleine twintig dichters, waaronder een aantal oud-staddichters van Nijmegen, die allemaal niet alleen eigen werk maar ook werk van collegadichters zullen voordragen.
Het programma vangt aan om 13u30 en eindigt ca. 17 uur. Gedurende het gehele programma is er een vrije in- en uitloop.
Het was zaterdagmiddag weer genieten van de diversiteit aan voordrachten uit de Eerste bloemlezing van de Nederlandse poëzie. Juist die dag stond in Het Parool de hierna volgende recensie.
Nederland kent een diversiteit aan talen en dialecten, maar in een bloemlezing tref je ze zelden. Tsead Bruinja besloot als (voormalig) Dichter des Vaderlands om een inclusieve bloemlezing samen te stellen: De eerste bloemlezing van de Nederlandse poëzie.
‘(..) Als zoon van Antillen/Heb ik een boekenkast vol met Nederland/En ben ik het verzwegen bloed in het zand/Vervreemd van mijn eigen eiland,’ dicht Jörgen Gario (UNOM) in Mi Ta perdona. Hij voelt zich een buitenstaander, ook in de poëzie: Nederlandstalige bloemlezingen bevatten vooral geijkte namen als Remco Campert, Ilja Leonard Pfeijffer en M. Vasalis.
Bloemlezingen worden samengesteld op basis van het principe van uitsluiting. Bracht Nederlands bekendste bloemlezer Gerrit Komrij (1944-2012) een bloemlezing uit dan waren alle dichters in rep en roer: 1. Had je de selectie gehaald? 2. Met hoeveel gedichten? (statusbepalend!). Een echte opvolger van Komrij is er niet, althans geen opvolger met dezelfde statuur en gewicht, wat ook iets over de tijdsgeest zegt, waarin een dergelijke autoriteit niet past. De meeste bloemlezingen die de afgelopen jaren verschenen zijn thematisch (liefde, dood, natuur, spoken word,etc.) en zeggen weinig over de Nederlandse poëzie an sich.
Tsead Bruinja (48) keert het selectieprincipe om: dichters die vaak werden overgeslagen of buitengesloten, krijgen een plek in zijn bloemlezing, bestaande uit 101 gedichten uit het Koninkrijk der Nederlanden van 1945 tot nu.
Naast bekende (anderstalige) poëzie van dichters als Astrid Roemer, Michaël Slory, Tsjêbbe Hettinga, Albertina Soepboer en Willem Wilmink, bevat de bundel veel relatief onbekende namen van dichters uit de Antillen, Indonesië en Suriname, maar ook gedichten van Friezen, Drenten, Limburgers en ‘nieuwe Nederlanders’ uit het Midden-Oosten. De meeste gedichten zijn in het Nederlands vertaald.
Verrassende selectie
Het is goed dat Bruinja de oorspronkelijke gedichten naast de vertaling plaatst, want in vertaling wil nog wel eens rijm en metrum verloren gaan, zoals in het gedicht bro (rust) uit 1957 van de Surinaamse Trefossa, pseudoniem van Henri Frans de Ziel, die ook een belangrijke rol in de Surinaamse onafhankelijkheidsstrijd speelde.
Het eindrijm in het oorspronkelijke gedicht is in vertaling verdwenen: ‘(..) vandaag stuwt mijn hart mij om te gaan/tot aan een stille kreek, ver weg (..) als ik ben teruggekeerd zal ik wellicht geworden zijn/, een beetje beter mens,/die kan lachen, slaag kan dragen.’ Een verontrustende slotzin, die tevens uitnodigt om meer te achterhalen over de context waarin het gedicht is ontstaan.
Door de brede selectie is er niet echt sprake van een thematiek binnen de bloemlezing, hoewel huiselijke beslommeringen, arbeid en streekgebonden zaken of taal de boventoon lijken te voeren. Niet alle taal is voor alle lezers te doorgronden, maar dat hoeft geen belemmering te vormen: goede poëzie biedt wel vaker ruimte voor interpretatie.
Dat laat Esther Porcelijn mooi zien in Taal van Tilburg (2013): ‘Iemand ‘liked’ een filmpje op internet./Hamasleider als een natte dweil uit een auto gesleept./Ik trek mijn pèkske aan voor de carnaval, het is een bananenpèkske.’ Er volgt een carnavalstocht door de stad. Ze besluit: ‘Begin ik weer over Hamas. (..) En ik: “mwa, ik begrijp het niet”/En jij: “niet alles is te begrijpen, dènk”/Dan rommel ik in de nootjes/En terwijl jij toekijkt/Vinden we daar onze subtekst.’
De eerste bloemlezing van de Nederlandse poëzie is naast een verrassende selectie ook een uitnodiging om opnieuw naar (de Nederlandse) taal te kijken.
De eerste bloemlezing van de Nederlandse poëzie: 101 gedichten uit het Koninkrijk van 1945 tot nu
Samengesteld door Tsead Bruinja Uitgeverij Querido, €22,99 279 blz.
Wees welkom bij dit programma rondom 'De eerste bloemlezing van de Nederlandse poëzie - 101 gedichten uit het Koninkrijk van 1945 tot nu - een bloemlezing met streektalen, dialecten, straattaal en meer
Met voordrachten in het Achterhoeks, Volendams, Arabisch, Fries en Limburgs door Ineke Berentschot, Frans Budé, Lamia Makaddam, Hans Mellendijk, Sijmen Tol en Tsead Bruinja met als speciale gast de stadsdichter van Nijmegen Heidi Koren van wie een gedicht in verschillende vertalingen ten gehore zullen worden gebracht. De presentatie is in handen van Wim van Til en Tsead Bruinja
Tsead Bruinja: “Als Dichter des Vaderlands (2019-2020) nam ik mij voor een inclusieve bloemlezing samen te stellen die ruimte bood aan zo veel mogelijk talen, streektalen en dialecten. Ik plaatste online een oproep om gedichten in te sturen en zat van 2019 tot en met 2022 regelmatig in de Koninklijke Bibliotheek te Den Haag. Collectiespecialist Arno Kuipers speelde daarbij een cruciale rol. Hij haalde voor mij bundels en bloemlezingen uit het depot om door te spitten en regelde een kantoortje. Na drie jaar lezen en mede met steun van de Turing Foundation is er nu eindelijk het resultaat, een bloemlezing die een andere blik biedt op de Nederlandse poëzie, o.a. doordat ze verder kijkt dan de Nederlandse taal.
De eerste bloemlezing van de Nederlandse poëzie en bevat gedichten uit Nederland, Indonesië, Suriname en de Antillen, maar ook werk van nieuwe Nederlanders uit het Midden-Oosten en Zuid-Amerika. Het boek wil en kan geen volledig overzicht zijn van de beste gedichten geschreven in het koninkrijk, wel een startschot voor een andere inclusievere blik op onze literatuur en wie daar wel en niet aan meedoet.
Irakezen, Iraniërs, Amerikanen en anderen hebben in Nederland werk gemaakt dat met ons te maken heeft. Dat grotere verhaal ontbreekt tot nu toe in de bloemlezingen. “Onze” literatuur is die van Remco Campert, Tjitske Jansen en Radna Fabias, maar ook die van Tsjêbbe Hettinga, Jan Glas en Nydia Ecury, van Mowaffk Al-Sawad en Mia You. Het liefst zou ik zien dat er nooit meer een bloemlezing verschijnt met louter Nederlandstalige poëzie.”
- Middag rondom het Twentse dialect en De eerste bloemlezing van de Nederlandse poëzie (Querido, 2022) -
Met o.a. Theo Vossebeld, Hans Mellendijk, Dick Schlüter en Tsead Bruinja
Wees welkom op deze middag rondom het Twents en alle andere talen die voorkomen in de 'De eerste bloemlezing van de Nederlandse poëzie - 101 gedichten uit het Koninkrijk van 1945 tot nu, een bloemlezing met streektalen, dialecten, straattaal en meer. Tijdens deze middag zijn er live voordrachten door Theo Vossebeld (Twents), Hans Mellendijk (Achterhoeks), Dick Schlüter (Twents) en Tsead Bruinja (Fries). Daarnaast zullen er versterkt een aantal eerder gemaakte opnames te horen zijn o.a. van gedichten in het Arabisch, Stellingwerfs, Gronings, Drents, Limburgs, Zeeuws en meer. Van alle gedichten zijn vertalingen beschikbaar in het Nederlands die desgewenst ten gehore zullen worden gebracht.
Ja, woensdagavond was dan de lang verwachte presentatie van De eerste bloemlezing van de Nederlandse poëzie 101 gedichten uit het Koninkrijk van 1945 tot nu samengesteld door Tsead Bruinja. Zie hier meer 👉
De langverwachte bloemlezing zal inmiddels bij de boekhandel in de winkels kunnen liggen.
De eerste bloemlezing van de Nederlandse poëzie | 101 gedichten uit het Koninkrijk van 1945 tot nu
Als Dichter des Vaderlands (2019-2020) nam Tsead Bruinja zich voor een inclusieve bloemlezing samen te stellen die ruimte bood aan zo veel mogelijk talen, streektalen en dialecten. Zijn selectie begint in 1945 en beperkt zich tot poëzie die geschreven is binnen het Koninkrijk der Nederlanden. Dat betekent dat er poëzie te lezen is uit Indonesië en Suriname en van de Antillen, maar ook dat er gedichten in staan van nieuwe Nederlanders uit het Midden-Oosten en Zuid-Amerika. Ze gaan over allerlei zaken: van het boerenleven tot racisme, oorlog en carnaval.
Met deze bloemlezing wil Bruinja een andere blik op de Nederlandse poëzie bieden. In bijna alle belangrijke bloemlezingen tot dusver ontbreken bijvoorbeeld de Friese en de Antilliaanse poëzie, terwijl die poëzie in contact staat met de Nederlandstalige poëzie en de wereldpoëzie.
Tsead Bruinja: “Irakezen, Iraniërs, Amerikanen en anderen hebben in Nederland werk gemaakt dat met ons te maken heeft. Dat grotere verhaal ontbreekt tot nu toe in de bloemlezingen. ‘Onze’ literatuur is die van Remco Campert, Tjitske Jansen en Radna Fabias, maar ook die van Tsjêbbe Hettinga, Jan Glas en Nydia Ecury, van Mowaffk Al-Sawad en Mia You.’
Tsead Bruinja (Rinsumageest, 1974) publiceerde sinds 2000 verscheidene bundels in het Fries en het Nederlands. In de periode 2019-2020 was hij Dichter des Vaderlands: hij schreef actualiteitsgedichten en trad op als ambassadeur van de poëzie.
De eerste bloemlezing van de Nederlandse poëzie | 101 gedichten uit het Koninkrijk van 1945 tot nu Samengesteld door Tsead Bruinja, met dank aan de Koninklijke Bibliotheek en Turing Foundation | uitgegeven door Querido | Paperback | ISBN: 9789021436937| € 22,99