Foto: ©Bert Bevers Bib Berchem | Miereneter
Zacht tikkend de tijd verslaan | Berichten over kunst, cultuur, de Achterhoek, de wereld en Mels eigen activiteiten ...
dinsdag 27 augustus 2019
In goed Nederlands | streetfood
Ik hoorde weer eens bij de groep die met afstand het meest werd ingezonden; stoepvoer. Lees hier in de Volkskrant van 14 augustus de uitslag⇲
Ondertussen in het wegdekdroedelsblog
Bert Bevers doneerde een bijdrage aan mijn ietwat in slaap gesukkelde wegdekdroedels⇲ verzameling. Mijn dank is groot.
maandag 26 augustus 2019
Cijfers | 19
Vandaag 19 jaar geleden werd mijn zoon Arend Jan Willem geboren.
Uit mijn bundel Het Daghet tussen de coulissen geef ik vandaag op deze speciale dag de volgende column cadeau.
Arend Jan Willem
De weeën komen toch nog plotsklaps. Ons zondagskindje meldt zich zaterdags, acht dagen te vroeg. In ons eigen hospitaal blijkt geen plaats. Het kerstverhaal lijkt zich te herhalen. Gelukkig, er is plek in ’t Slotervaartziekenhuis, een eindje verderop.
Onder bezielende begeleiding van vroedvrouw -je wilt het geloven of niet- Van Baren kan het puffen beginnen. Toch nog onverwachts wordt me door de verloskundige een schaar in de handen geduwd: “Aan de vader de eer om de navelstreng door te knippen.” Onhandig knip ik de taaie levenslijn doormidden. Na het grote ‘ge-ulk’ ligt het kleine geluk in mijn armen. Arend Jan Willem krijst ’t uit van levensvreugde. De kersverse ouders laten van blijdschap de tranen hun vrije loop.
Het kind is er niet vanzelf gekomen. “Old zaod mo’j dik zeijen”, antwoordde ik gekscherend als vrienden mij vroegen of er al iets op komst was. Een race tegen de klok. Op de valreep van de datum dat de medische wetenschap ons nog kon helpen werd mijn lief op haar eenenveertigste verjaardag zwanger. Wat een cadeau! Een dik maand later kon ik het uiteindelijk in kleine kring op de visite van mijn verjaardag vertellen: “Rini hef’t veurhuus verhuurd. Wi-j kriegt wat jongs.” Grote gebeurtenissen werpen hun schaduwen vooruit.
Het kind is er niet vanzelf gekomen. “Old zaod mo’j dik zeijen”, antwoordde ik gekscherend als vrienden mij vroegen of er al iets op komst was. Een race tegen de klok. Op de valreep van de datum dat de medische wetenschap ons nog kon helpen werd mijn lief op haar eenenveertigste verjaardag zwanger. Wat een cadeau! Een dik maand later kon ik het uiteindelijk in kleine kring op de visite van mijn verjaardag vertellen: “Rini hef’t veurhuus verhuurd. Wi-j kriegt wat jongs.” Grote gebeurtenissen werpen hun schaduwen vooruit.
Na de vlokkentest was er wat onduidelijkheid over de levensvatbaarheid van dit kind in wording. Zenuwachtig zaten we aan ’t bureau tegenover de vrouwenarts. De benodigde papieren waren weer eens blijven steken tussen de ene en de andere afdeling. Nerveus pleegde de dokter een telefoontje. Ze maakte aantekeningen. Mijn lief keek mee en zag per ongeluk de symbolen XY op ’n kladje verschijnen. Ze wist nu genoeg en dat was eigenlijk niet de bedoeling. Ze lachte geheimzinnig. Zelf had ik nog niks in de gaten. De beide vrouwen keken mij samenzwerend aan.
’t Was een poosje doodstil. Ik richtte me betoeterd naar mijn vrouw. ’t Speet me nu dat ik vroeger bij meester Wijbrandts niet beter had opgelet tijdens de biologielessen. “Hans, ’t wordt een zoon!” fluisterde mijn lief me verlossend in ’t oor. De arts maakte haar verhaal af. Het was toch allemaal in orde. ’t Jongetje ontwikkelde zich goed. Ze verontschuldigde zich dat ze zo onhandig het geslacht had verraden. We vergaven het haar.
Toen we eenmaal wisten dat ‘t ’n ‘kearltjen’ zou worden werd het namen zoeken wel een stuk gemakkelijker. Arend Jan naar mijn - en Willem naar mijn lief haar vader. D’r werd nog uitvoerig ‘gerikraod’ of we dan Aortn of Arend als roepnaam zouden kiezen. De stamboom gaf de oplossing: ’t zou Arend worden. “Trouwens de ‘ondóg’ zal zelf wel bepalen hoe hij ‘eroepen’ wil worden. ‘t Is ook een kwestie van ’n Achterhoeks of Mokums schoolplein.
De tied zal ’t leren. Ik werd ook naar mijn grootvader vernoemd. “Den dreugen, daor zit gin vrouwvleis an!” Dat had opa Mellendijk bezorgd gefluisterd toen mijn oudste zuster trouwde en ik als zijn enige kleinzoon met niks aan ‘t handje op de bruiloft was komen. “Hoe mot dat nów met ’t stamholderschap, kump dat ooit wel goed?” ’t Had me toen niet echt geboeid. Nu ik bij het gilde van het nachtouderschap hoor, kan ik niet ontkennen dat ‘t mooiste is wat een mens kan overkomen.
Op de maandagmorgen loop ik ‘liepend’ van geluk, bevrijd van zorgen, maar wel met nieuwe in de maak, over Plein ‘40-‘45 naar ‘t Tuinstadhuis. Terwijl ik ’t Achterhoekse Amsterdammertje ‘aangeef’, ik zweer met de hand op mijn hart dat het bij dit verraad blijft, hoor ik in de verte heipalen op en neer gaan. Er wordt hier aan de toekomst gebouwd.
| 16 september 2000
Ondertussen binnenkort over twee weken bij BREEKijzer
Hannelore zittend frontaal, linkerbeen opgetrokken, armen en hoofd op leuning. Beeld: Hans Sennema.
De Expositiewerkgroep van Kunstenaarscollectief BREEKijzer presenteert in CIVON innovatiecentrum op het DRU-Industriepark te Ulft:
WIE KIJKT ZIET MEER - Hans Sennema
Waar: In de Commiesruimte van CIVON Innovatiecentrum, Hutteweg 32, Ulft, +31 (0) 315-820 280.
Wanneer: op de reguliere openingstijden van 9 september t/m vrijdag 29 november 2019; maandag t/m vrijdag 10:00-17:00 uur Entree: gratis, aanmelden bij de balie.
De expositie zal in oktober en november parallel lopen aan de Leonardo da Vinci -manifestatie en -expositie in het CIVON -innovatiecentrum.
“Het menselijk lichaam is binnen de kunst altijd een belangrijk thema geweest. Hetzij als symbool van vruchtbaarheid en erotiek of als symbool van schoonheid en kracht. Het speelde een belangrijke rol in de mythologie van goden en helden en ook in de religieuze verhalen. In de vroege Middeleeuwen was de weergave van het lichaam minder toegankelijk en werden de mensfiguren gestileerd. Minder realistisch weergegeven.
In de Renaissance kwam de belangstelling voor het lichaam weer tot grote bloei.
Leonardo da Vinci was geobsedeerd door het menselijke lichaam. Hij stelde zichzelf de vraag: ”Hoe werkt het binnen dat lichaam?” Daartoe heeft hij ook, tegen de heersende regels van de kerk in, lichamen ontleed.
Die anatomische weergave is voor Hans Sennema niet het belangrijkste. Hans is vooral nieuwsgierig naar de verschillende mogelijkheden om het lichaam weer te geven. Met welke technieken kun je het lichaam verbeelden. Zijn uitgangspunt hierbij is steeds geweest de realiteit niet uit het oog te verliezen. Daarbij gebruikt hij verschillende technieken zoals grafiet, krijt en aquarel. Daarnaast is hij voortdurend bezig met de oog-hand coördinatie: je kijkt en tekent tegelijkertijd. Werken binnen een tijdslimiet van bijvoorbeeld 5 minuten schetsen of met een bewegend model.
Met andere woorden zijn uitgangspunt is niet een wetenschappelijke weergave van het menselijke lichaam maar een poging om op verschillende manieren de realiteit van hetgeen hij voor zich ziet weer te geven.
Nota Bene
Vanaf maandag 26 augustus, is de groepstentoonstelling Salon d’Arts van het Kunstenaarscollectief BREEKijzer weer geopend en nog tot en met vrijdag 6 september a.s. in de Giethal van CIVON te zien. Op de laatste dag vindt vanaf 16:00 uur een finissage plaats. Kunstkenner Jan Jenniskens zal het geëxposeerde werk bespreken, daarna zal de expositie feestelijk afgesloten worden.
Voor meer info: Hans Sennema: info@sennemakunst.nl | 06 10 10 31 03
zondag 25 augustus 2019
Fu Hing dat steet
Fu Hing | 50ste Allegorische optocht Varsseveld | 2019
Zondagclip | Almost Blue | Elvis Costello | Chet Baker
Varssevelds Volksfeest zaav | Staminee d'Olde Mölle | op kantoor | Kermisselfie met mijn oud-collega's columnisten van de Gelderlander: Irene van der Aart⇲ en Bert Scheuter⇲
Chet Baker
Elvis Costello
zaterdag 24 augustus 2019
Varsseveldse Volksfeesten herbezocht | zaterdag
vrijdag 23 augustus 2019
’sMelssleMs’ zomeracademie | Sneeuwtjes
Expositie verzamelingen | Oud Postkantoor Doetinchem | plm. 1998/99
Uit de oude doos de column Sneeuwtjes. Wellicht geeft het de lezer enige verkoeling in deze lange hete zomerperiode. Ook te lezen in de vorig jaar bij uitgeverij Fagus⇲ verschenen bundel Het Daghet.
Sneeuwtjes
Mooi van lelijkheid zou ik
haar willen noemen, mijn verzameling sneeuwtjes. Eigenlijk is er geen goed
Nederlands woord voor. In de Kleine encyclopedie van de wansmaak worden
ze sneeuwbollen genoemd. In dat naslagwerk wordt de ontstaansgeschiedenis uit
de doeken gedaan. Ene Herr Koziol kwam in zijn Volkswagen Kever vast te
zitten in de natte sneeuw. Hij keek door de halfronde achterruit van de
auto en werd een sprookjesachtig tafereel gewaar. De sneeuw dwarrelde maar
door, een wolf verschool zich achter een eik, Roodkapje passeerde, engelen
zongen Halleluja. Eenmaal thuis gekomen, na een barre tocht vond hij de Schneekugel uit.
Dit verklaart mijn
afwijking. Het sparen begon midden zeventiger jaren. De oorsprong van deze
gekte ligt echter, net als de uitvinding, in de jaren vijftig. Mijn vader
vervoerde in zijn Kevertje de hele kinderschaar van de
buurt naar de gondelvaart in Keppel. Met z'n elven opéén gepakt in de wagen
(een absoluut wereldrecord), ik knus met mijn tweelingzus in de kattenbak. Daar
zag ik door de achterruit, van verte reeds de feeërieke verlichting van de
varende objecten. Een sprookjesachtig verstilde werkelijkheid als in een
kijkdoos. Mijn eerste aanschaf was in het Weense Prater. Een glazen
bol gevuld met water, kunstsneeuw en het Riesenrad. Daarna
volgde een schudmaria uit Lourdes en weldra toen mijn abnormaliteit bekend
werd, bracht menig kennis een bol voor mij mee. Na een jaar werd de verzameling
te groot. Ik besloot alleen souvenirs te vergaren van
plaatsen waar ik zelf geweest was. Een sentimenteel lullig bewijs,
een afbakening.
Af en toe werd van de
regel afgeweken als vrienden een exotisch exemplaar meenamen. Zij
kregen een plek op de plank: ‘Nog niet geweest, maar wie weet?’
Exemplaren uit Australië en Aruba kijken me, bij het plannen van mijn
zomervakantie, lonkend aan. Zo kreeg een exemplaar uit Las Vegas, met drie
dobbelstenen, eerst een verborgen bestaan. Het verhuisde naar de verzameling
toen ik er eenmaal geld had gewonnen. Een ander afwijkend geval, want feitelijk
geen sneeuwtje, is het stolpje dat ik tijdens dezelfde trip, op
de warmste plek van de wereld, ontdekte. Met daarin een gesmolten sneeuwpop:
vijf eierkolen, een peentje, een zwarte hoed, zweven in het water. The Death Valley Snowman.
Vorig jaar dacht ik een
wonder te aanschouwen. Na de vakantie kregen de nieuwe aanwinsten
een tijdelijk plekje op de vensterbank. Zo ook een souvenir van de
Donauquelle. Er vormde zich een plasje water naast het kleinood en een dag
later stroomde de Donau door mijn woonkamer. Helaas, het wonder bleek een klein
scheurtje. De inhoud van het sneeuwtje wordt meestal vormgegeven in coulissen
perspectief. Het is dan ook opmerkelijk dat in de hele Achterhoek, met z'n
kenmerkende coulissen landschap niet één sneeuwbol te vinden is. Hier ligt een
dankbare taak voor de ‘Stichting Achterhoek Promotie’, het laten maken van een Achterhoekse sneekogel! De bezembinder
Aornt Peppelkamp, met daarachter een peppelenrij, een stukje heide ter grootte
van een krant. Een kamp met een hek en een ijsvogel ervoor. Een kateker springt
van eik tot eik. Da's pas mooi | Gelders Dagblad 6 juli 1996
Meer Sneeuwbollen op ’sMelssleMs’ hier⇲ en daar⇲ en boven⇲
Collega dichter Bert Bevers was zo attent het bericht over de verzameling van (J’aime la vie⇲) Sandra Kim⇲ op te sturen: Showbizz | Sandra Kim verzamelt sneeuwbollen ik ben zo bang dat er eentje gaat breken⇲
Sneeuwbollen @ het wereld wijde web⇲
Snowglobes @ the word wide web⇲
Schudmaria’s @ the world wide web⇲
The original melted snowman snow globe⇲
Varsseveldse Volksfeesten herbezocht | vrijdag
de vaste jongens op nieuwe stek | erf hofshuus | evaluatie vogelschieten | vrmi 16-08-2019
zie hier meer in de AOV-collectie⇲ en daar↵
Abonneren op:
Posts (Atom)








