zaterdag 18 februari 2012

Uit de oude doos | In kaart gebracht



In kaart gebracht

‘Eh … papa … weet je? Waar veel bochten zijn, daar zijn ook veel bergen, … toch?’ Na twee weken zwerven door de Ardennen, de Eiffel en Luxemburg verrast de pótwortel ons niet meer. M’n lief en ik zijn z’n wijze filosofische benadering van de wereld om zich heen inmiddels wel gewend. Hoe de ónstrank die telkens in kaart tracht te brengen. Prachtig die momenten van stilte, voorafgaand aan de slimme eindconclusies. Ik hoor hoe hij  zich ’n wereldbeeld vormt. Op tekeningen verschijnen driehoeken met  lapjes grond ertegen.  Bij thuiskomst poog ikzelf de wereld te bevatten en doorvors de krantenberg die zich op de keukentafel gevormd heeft.

In de Achterhoek lijkt men vooral bezig met het ‘op de kaart zetten’. In mijn eigen dorp tracht men ter gelegenheid van de wandelvierdaagse de Hiddink-hype van drie jaar geleden te evenaren. De promotiestichting is nieuw leven ingeblazen. ‘Het mag vooral niet op een braderie lijken.’ ‘We denken meer aan een lampionnenoptocht en oude ambachten’. ‘We willen het dorp weer op de kaart zetten’, ronkt het bestuurslid verder. Mmmmwaaaeeeuhhh! Waarom moet de aanwezige spontane gastvrijheid toch weer zo zielloos uitgevent worden? Wat is dat toch voor kwaal? Die zucht naar dat ene kwartiertje roem. Vanuit een misplaatst minderwaardigheidscomplex iets opzetten. Het gaat toch in eerste instantie om de inhoud? En natuurlijk, … de eventuele aandacht is meegenomen, … had ik zo, gedacht.

Zelfs het Varsselderse Huntenpop Festival, dat in bescheiden- , nuchter- maar vooral standvastigheid, in vijftien jaar tijd, gelijk het Achterhoekse landschap organisch gegroeid is tot wat het nu is; bedient zich bij monde van de voorzitter van de toverwoorden dat het nu ‘op de kaart’ staat. Stoplappen die het naar mijn deemoedige mening niet nodig heeft. Huntenpop is toch al jaren een begrip?

Zijn het voorbeelden van komkommernieuws? Komt het door de zomerhulpen die de dienst overnemen van de vakantievierende verslaggevers? Met behulp van vooral de natte vinger, breng ik ‘op de kaart zetten’ in kaart. Het onderzoek bevestigt mijn idee. Een toename van het gebruik van de magische litanie tijdens de zomermaanden met beduidend meer hits.

Of is ‘t een peremannenkwaal? Zijn ‘t bobo’s die de goede betrekkingen, met de kring van personen waarmee men zakelijke of ambtshalve te maken heeft, grondig weten te overschreeuwen? Een schreeuwerigheid die in mijn herinnering ooit vanaf de jaren zeventig van de vorige eeuw steeds maar erger werd, dankzij de gelegaliseerde etherpiraat die vooral in de zomer naar je toe kwam. Een druktemakerij die maar blijft doorzaniken (zei de ouwe zak en hij borstelde de wilde haren van zijn pak). Zoals van de week bij die mooie poëtische - ‘daar boven in de lucht’ - naam Z@ppelin voor de hoogwaardige kindertelevisie van twee tot twaalf jaar, op ons –nu nog- derde net.  Dat door de kijkcijferterreur, voor de doelgroep van zes tot twaalfjarigen, is veranderd in het snerpende, gebiedende Z@pp! In wat voor land leven we toch? Waar je, je kinderen welkom heet, met een scheldend ‘Scheer je weg!’ Wie is er nou gek? Wordt hier waanzin op de kaart gezet?

Geef mij de verstilde en bezonken extase. Zoals vandaag vanwege de Open Nationale Monumentendag het fraaie initiatief dat de oude gemeenten Wisch en Gendringen dankzij de legende van De Bedrukte Moeder Gods van Varsseveld met elkaar verbindt. Een tocht naar de twee helften van het dubbele Mariabeeld die in de Varsseveldse Laurentiuskerk rug aan rug gehangen zouden hebben en na de reformatie na de nodige omzwervingen uiteindelijk in Silvolde en Anholt terecht gekomen zijn. Wereldberoemd bij kenners vanwege melancholische blik. ‘Da’s, jao mooi op de kaarte ‘ezet, zo’k jao bi-jnao zeggen.’


Wie overigens de kunst van ‘t op de kaart zetten wel beheersen, dat zijn de buurtschappen, zoals het Aaltense Groot Heinen, het Bronckhorstse Dunsborg, Gooi en Heidenhoek, het Oude IJsselstreekse Elsbroek, het Winterswijkse Beurse, De Kulve, Simmelink en De Smalbraak. De plaatsnamen, die in mijn herinnering waren vervaagd of waren opgeslagen als exotische veldnamen, kregen in mijn ANWB wegenatlas van de Benelux en omstreken een vermelding als dorp van op zijn minst dezelfde importantie en faam als wereldplaatsen met de namen Breedenbroek, Halle, Kilder of Meddo. Ze keken me lonkend aan toen ik op terugweg van vakantie irgendwo in de Ruhrpot in een stau ongeduldig de kaart raadpleegde voor het waar en het hoe ver nog?

Hans Mellendijk, de Gelderlander edities Achterhoek, 10 september 2005 

Geen opmerkingen:

Een reactie posten